Sjirk de Wal werd in 1852 in Jelsum geboren. Het arbeidersgezin verhuisde vier jaar later met zijn zijn ouders Teade de Wal en Tjitske Jeltema en zijn zusters Willemke, Minke en Sjoukje naar Dronryp, waar Sjirk de Wal de lagere school bezocht en het kaatsen leerde. Het bleek al op jonge leeftijd dat hij aanleg voor die sport had. Toen hij de lagere school verliet, moest hij aan het werk en hij kwam terecht in de aardappelhandel. Daar was hij gedurende een langere periode werkzaam.
De Wal boekte tot 1876 enkele incidentele successen. Pas daarna kwam zijn doorbraak. Vooral op door-elkaar-loten wedstrijden was hij succesvol. In 1877 en 1878 won hij de PC en was de beste speler van het partuur. Helaas voor hem bestond de koningsprijs toen nog niet. Na de tweede prijs in 1879 won hij de PC wederom in 1880, 1881 en 1883. Dat De Wal veel in zijn mars had, stond als een paal boven water, maar zijn kaatscapaciteiten stonden soms ook succes in de weg. Zo werd hij bijvoorbeeld in 1881 voor vierentwintig wedstrijden uitgesloten vanwege ‘meer dan buitengewone capaciteiten’. Ook mocht hij niet met Klaas Willem Boorsma, een andere kaatsfenomeen in die tijd, in één partuur uitkomen.
De Wal was vooral bekend door zijn opslagkwaliteiten. Het verhaal deed de ronde dat hij bij een weddenschap negen van de tien ballen, die hij opsloeg, in een pet op de voorlijn deed belanden. Ook als uitslager deed hij van zich spreken. Destijds reisde hij vaak lopend of met de hondenkar naar wedstrijden toe om dan ’s avonds laat weer naar huis terug te keren. Vaak was de afstand zo ver en het aantal deelnemende parturen zo groot dat hij een dag of enkele dagen later weer thuis kwam.
Ook werden er in die tijd vele wedstrijden door de week gespeeld en dus verdienden de betere kaatsers, naast hun karig arbeidsloon, er nog een flink bedrag bij. De Wal was ook in andere sporten actief en vooral in hardlopen blonk hij uit.
Op de PC van 1884 behaalde hij de tweede plaats en in 1885 en 1886 kwam hij als winnaar uit de strijd te voorschijn, waarbij hem in eerstgenoemd jaar de koningsprijs werd toegekend. Door zeven overwinningen (in de jaren 1877, 1878, 1880, 1881, 1883, 1885 en in 1886) en twee tweede prijzen staat hij met vijfentwintig punten op de achtste plaats in het PC-klassement aller tijden.
Sjirk trouwde met Gooitske van der Vlugt en ze kregen vier jongens. De jongens zochten al op jonge leeftijd werk in Duitsland. Ook Sjirk en zijn vrouw verhuisden op 28 oktober 1899 naar Essen aan de Ruhr. Toen de Bondswedstrijd op Pinkstermaandag 1901 in Dronryp werd gehouden, is Sjirk als erelid van de kaatsvereniging nog eens met de trein uit Duitsland overgekomen. Op het station te Hatsum stond het muziekkorps bij zijn aankomst te spelen. De bestuursleden waren er met het nieuwe vaandel dat ze dat jaar hadden gekregen. Sjirk was die dagen eregast van de kaatsvereniging. In 1905 is hij nog eens in Friesland geweest. Op 9 september 1909 is hij in Essen overleden en daar ligt hij ook begraven. Op zijn graf lagen twaalf kransen.
In Dronryp werd de kaatsvereniging naar hem genoemd en in 1973 kwam er een Sjirk de Walstrjitte in Dronryp.